Als ik nu probeer mijn omgeving te schetsen, waar moet ik dan beginnen? Misschien moet ik niet met ik beginnen. Vijf plantjes voor het raam, twee in bloei. Vooral de vetplant met zijn witte bloemen is erg indrukwekkend. Zeker gezien het feit dat deze plant op sterven na dood was. Weggehaald uit het huisje van mijn oma. De potgrond was verdroogd. Nieuwe kans voor dit plantje. Lief plantje. De geranium heb ik van mijn nichtje gekregen. Hij ziet er wat verdort uit, ik zal ‘m maar eens wat water gaan geven.
Wolken drijven voorbij, ertussenin blauwe lucht. Op het raam zijn nog steeds druppeltjes zichtbaar want niet zo lang geleden was er een kort buitje. Binnen zitten op een moment als deze, waar het weer buiten zijn eigen gang gaat is erg fijn. Vooral als je verkouden bent zoals ik nu. Er zijn meerdere lagen aan wolken. De laaghangende wolken zijn grijs, vol regen waarschijnlijk. Deze bewegen snel naar het oosten. Erachter zijn witte wolken te zien, en deze schijnen niet te bewegen. Wat rest is blauwe lucht.
De bomen zijn kaal. Deze zijn niet zo mooi op dit moment. Soms zie je zulke mooie patronen afsteken tegen de winterwolken achtergrond. Deze zijn te vol omhoog. Ze wilden teveel groeien, te gauw, te vlug. Dat is te zien en ontneemt de boom toch van een zekere schoonheid. De bomen bewegen, de wind heeft vrij spel. Dat is wel mooi, een mooi gezicht.
Ik heb nu alleen nog maar recht vooruit gekeken. Ik zie mezelf typen. De woorden verschijnen op dit moment op mijn beeldscherm. Mijn kamer, gele gordijnen, ik zit op een blauwe bank. Muziek draait, dit keer de franse band –M–, hetgeen ik echt erg gaaf vind. Hiervoor luisterde ik naar de band Arsenal, hetgeen ik zo weer aanzet denk ik. Soms word ik gegrepen door muziek. Dan speel ik het plat.
Ik kijk naar rechts en zie thee. In een theepul, en daarachter een pot thee. Er is nog genoeg om van te kunnen genieten. Earl Grey thee. En als het op is, ach dan zet ik gewoon nieuwe. Vooral nu met mijn verkoudheid. Zal ik nog naar buiten gaan straks?
Ik zie vogels vliegen buiten, veel sneller dan de wind en de wolken. Het is nu dicht bewolkt, geen blauwe lucht meer, jammer. Waarom is blauw zo mooi, zo heerlijk? Waarom voel ik me zo goed als ik blauwe lucht zie? De meest intense momenten van genieten van de omgeving, daar was blauwe lucht bij betrokken. Waarom toch?